De laatste zaterdag stond al maanden met dikke lijnen in onze agenda gemarkeerd. Zodra onze andere verplichtingen waren afgerond, trokken we in sneltempo richting CC Palethe te Pelt, waar Doodseskader zijn laatste Belgische show van 2025 zou spelen én de laatste show waarin album nummer twee Year Two centraal stond. Afgelopen zomer zagen we onze landgenoten al aan het werk op Jera On Air, waar ze ons compleet van onze sokken bliezen. De vraag was dan ook simpel: zou het duo Tim De Gieter & Sigfried Burroughs opnieuw zo’n mokerslag van een performance afleveren?
Met Waste, Hippotraktor en Doodseskader beloofde het een stevige avond te worden in Limburg. Omdat we ons die avond ook nog van een maaltijd moesten voorzien, wisten we dat we één van de twee eerste acts zouden moeten missen, daar we voor Doodseskader richting Pelt waren getrokken. Waste staat al een tijdje hoog op onze lijst dankzij zijn reputatie om met een beperkt repertoire toch elke zaal in lichterlaaie te zetten. We besloten daarom het technisch onderbouwde Hippotraktor aan ons voorbij te laten gaan. Toen we uiteindelijk arriveerden in hartje Pelt, was Waste net aan zijn set begonnen, en dat we niet de enigen waren die de jonge wolven aan het werk wilden zien, bleek meteen uit de opkomst. Voor een eerste band stond de zaal al verrassend vol.
Pelt had er duidelijk zin in, want telkens wanneer Waste een nummer afrondde, volgde er een opvallend enthousiaste reactie. Begrijpelijk: de band bulkte van de energie en wist die moeiteloos over te brengen op het publiek. Stilstaan was simpelweg geen optie: hun dansbare, gedreven sound zette de volledige zaal in beweging. Een echte moshpit kwam er dan weer niet van, maar zowat iedereen was enthousiast aan het tegelschuifelen.
Naast de uitgesproken goesting voelde je ook de oprechte dankbaarheid van de bandleden, iets wat als publiek altijd deugd doet. Het was bovendien onze eerste kennismaking met CC Palethe, en wat ons betreft zeker niet de laatste: sound én visuals kwamen uitstekend tot hun recht, mede dankzij het uitstekende werk van de geluidstechnici. Tijdens één nummer, vraag ons niet welk, daarvoor kennen we hun repertoire nog te beperkt, liep de mix even mis, waardoor de beleving abrupt onderuitging. Gelukkig werd het euvel in geen tijd rechtgezet. Wij van Amped-Up gaan altijd op zoek naar een kritische noot, maar los van dat korte moment, waar Waste overigens zelf niets aan kon doen, viel er niets aan te merken op dit energieke en tevens abstracte geheel.
Het onderstreept alleen des te meer hoe straf de prestatie was die ze hier neerzetten. Vanaf het moment dat we de zaal binnenwandelden tot de laatste kreet van frontman Jef Jenear werden we volledig meegezogen in het merkwaardig geheel. Jenear verdient hier een aparte vermelding: waar we in eerste instantie nog moesten wennen aan enkele eigenaardige trekjes, was dat na een paar minuten volledig anders. De man weet, net als de rest van de band, perfect hoe hij met de spotlights moet omgaan. Waste is een band om nauwlettend in de gaten te houden, en dat zijn wij alvast van plan.
Setlist:
- Get up
- Mom
- Urges
- Couldn’t be bothered
- Tantrums
- Autopilot
- Discothèque
- Dog house
Muzikaal waren we al stevig verwend door Waste, maar culinair hadden we nog noden die diende vervuld te worden. We trokken daarom het centrum van Pelt in om onze magen te vullen. Daardoor hadden we uiteindelijk nog twee à drie nummers van Hippotraktor kunnen meepikken, maar we kozen voor een rustig drankje in één van de lokale horecazaak. Voor we het goed en wel beseften, tikte de klok al richting het moment waar de hele avond naartoe werkte: Doodseskader. De laatste keer dat we het duo aan het werk zagen, was dit jaar bij onze Noorderburen op Jera On Air, voor ons één van de absolute hoogtepunten van het festival, een show waarvan we nog steeds aan het bekomen waren. De verwachtingen voor deze meer intiemere zaalshow waren dan ook torenhoog.
Klokslag elf uur doofden de lichten in de zaal en maakte iedereen zich klaar om zich volledig over te geven aan de drug die Doodseskader heet. Toen het cijfer 45 op het grote scherm achter hen verscheen, wist CC Palethe dat het moment was aangebroken. Het duo De Gieter–Burroughs betrad het podium en de zaal reageerde meteen uitzinnig. Net als op Jera On Air mocht Who Will Pour The Blood On Me de set openen, en dat deed het meer dan voortreffelijk. Het nummer liet een duistere, mysterieuze waas neerdalen over de zaal, een sfeer waar Doodseskader zich maar al te graag in nestelt. En zodra De Gieter zijn eerste gitaaruithaal de ruimte insneed, werd de eerste mokerslag van een lange reeks uitgedeeld.
Het eerste echte hoogtepunt kwam er tijdens de overgang van 1745 naar Pastel Prison. In de korte, maar bijzonder intense passage waarin het duo nog eens alles openreet, kon je bijna zweren dat we een voorproefje van Year Three kregen. In de week dat we deze review schrijven, deelde de band nieuws over de opvolger van Year Two. Year Three werd geannuleerd en vervangen door The Change Is Me, welke volgend jaar op 3 april zal verschijnen. Terug naar de essentie van dit schrijven, de review van de laatste show waar Year Two centraal stond. Het explosieve samenspel dat als lijm fungeerde tussen 1745 en Pastel Prison zorgde dat de aandacht van de mensen niet verslapten. Doodseskader weet als geen ander hoe het zijn publiek een volledige set lang in zijn greep houdt. Naast de geniale muziek zijn er de lichtflitsen en de visuals. Alles gaat hand in hand met elkaar, heel de show, elke seconde, is precies uitgemeten. Een groot deel van de beelden achter de band weerspiegelt de lyrics, waardoor je nog dieper in hun universum wordt gezogen. Doodseskader neemt je lichaam over en dicteert een hele show lang hoe je je moet voelen. Gitzwart, heftig geladen en toch onweerstaanbaar bevredigend, het duo tart hier simpelweg de grenzen van het mogelijke als muzikale act.
Als muziekrecensent kom ik elk jaar opnieuw in aanraking met een hoop beloftevolle bands, maar slechts zelden nestelt er één zich echt in mijn collectief geheugen. Dit jaar was dat zonder enige twijfel Doodseskader. Hun muziek krijgt bij mij inmiddels bijna dagelijks een luisterbeurt. De band stond al langer in mijn playlist, maar Year Two is uitgegroeid tot een klein meesterwerkje waar ik maar geen genoeg van krijg. En ook live stelde het allerminst teleur. Nog voor de laatste noot uit de boxen was geknald, betrapte ik mezelf erop dat ik al wilde weten wanneer de volgende ontmoeting zou plaatsvinden. Op het moment dat we dit aan het schrijven waren, oogde de agenda akelig leeg van de Belgen. Deze week dropte Doodseskader echter zijn eerst track vanop The Change Is Me, welke je onderaan deze review kan beluisteren. Ook werden de eerste data van 2026 gedeeld, waar je nu je tickets voor kunt vastleggen. Van festivals in de zomer nog geen spoor, maar Floatline Festival in Oudsbergen behoort zeker tot de mogelijke kanshebbers. In de CC Palethe waren verschillende scouts van het festival aanwezig.

Doodseskader ramde zonder pardon door, en vuurde de ene kraker na de andere op ons af. De ene mokerslag al wat raker dan de andere, maar geen één er van was een zalvende track. Zwakke momenten? Niet eens in de verte te bespeuren. Elk nummer heeft zijn eigen ziel, zijn eigen karakter. Ze werden allemaal gespeeld met tonnen overtuigingskracht, eentje die gewoonweg niet te faken valt. Het is die oprechte passie, die gepassioneerde overtuiging dat aanstekelijk werkt. Het hoogtepunt van de set kwam er tijdens FLF, welke wat later in de setlist verstopt zat. Het is een track die niet terug te vinden is op één van de langspelers, maar toch door een groot deel van de aanhang gekend en vooral geliefd is. Het zorgde voor een zoveelste energiestoot van jewelste.
De duistere spanning die duidelijk in de zaal hing, werd nog even vastgehouden. Het logo van de band kwam pulserend op de achtergrond om vervolgens in een meer dromerige sfeer terecht te komen. Wanneer It’s Not An Addiction, If You Don’t Feel Like Quitting thuis in je playlist volgt op het energieke FLF, voelt het allemaal wat wrang aan, daar het balanceert op de twee uiterste van de band: droommodus en vechtmodus. Doodseskader kon deze tracks in Pelt perfect aan elkaar koppelen. Het schakelt moeiteloos van verstikkend zwaar naar bijna kwetsbaar licht, zonder dat je ooit uit aan hun greep ontsnapt. Het is geen band die je krampachtig probeert te overtuigen; het gebeurt gewoon.
Ben ik mijn objectiviteit kwijtgeraakt in de storm die Doodseskader heet? Waarschijnlijk. Maar wie muzikaal graag buiten de lijntjes kleurt en het liefst pure, onversneden muziek voorgeschoteld krijgt, kan moeilijk onberoerd blijven bij wat dit duo neerzet. Doodseskader serveert iets dat zich nauwelijks laat benoemen, dit moet je voelen, ervaren, ondergaan.
Voor ik het goed en wel doorhad, kondigde De Gieter de laatste track van de avond aan. People Have Poisoned My Mind to a Point Where I Can No Longer Function bleek het perfecte slotakkoord, niet alleen van deze show, maar ook van een tournee waarin Year Two terecht centraal stond. Op naar album nummer drie, want dat dit duo opnieuw scherp zal uithalen, staat voor ons buiten kijf. Doodseskader, u was opnieuw indrukwekkend.
Setlist:
- Who Will Pour The Blood
- 1745
- Pastel Prison
- The Sheer Horror Of The Human Condition
- Innocence (An Offering)
- Peine
- FLF
- It’s Not An Addiction, If You Don’t Feel Like Quitting
- Bone Pipe
- People Have Poisoned My Mind to a Point Where I Can No Longer Function


0 reacties