Prognosis Festival is een nagelnieuw festival en zoals de naam het al liet vermoeden draait het helemaal rond progressieve rock & metal, een festival met een origineel concept. Naast optredens biedt het ook een aantal conferenties in de voormiddag zoals The relationship between the artist and the manager waarbij Devin Townsend zijn manager Andy Farrow interviewt in jeugdclub Dynamo of een gesprek over touren met diezelfde Farrow en andere prominenten uit de showbizwereld.

Wanneer ik De Effenaar na een lange rit van meer dan drie uur vanuit Brugge opzoek, staat een lange rij voor de deur waar ik nog een kwartier verlies en zo de show van Wheel op mijn buik mag schrijven, de kleine zaal is al van bij het begin nokvol met bezoekers uit 35 verschillende landen als we de organisatie mogen geloven. Uitstel tot volgende week in Madrid waar ze als tweede opener voor Soen geprogrammeerd staan. Ik begeef me dan maar meteen naar de grote zaal om The Gathering aan het werk te zien.

Vanaf het begin blijkt het mijn ding niet te zijn, steengoede muzikanten dat wel, maar er ontbreekt naar mijn bescheiden mening precies wat schwung, de set lijkt op automatische piloot ingesteld te zijn. Ik doe helemaal niets af van het talent van de bandleden, een goed halfvolle zaal geniet van de Nederlanders, smaken verschillen nu eenmaal.

De volgende band is er één van een ander kaliber, Leprous. De Noren genieten van een wereldwijde beroemdheid binnen de kleine prog en avant-garde metalwereld, ze zijn trouwens nog maar pas terug van een korte tour door Latijns-Amerika.
De grote zaal van De Effenaar is inmiddels helemaal volgelopen voor dit jonge geweld die vanavond een speciale show brengt. Het vierde album, The Congregation uit 2015, wordt integraal gespeeld van begin tot einde, met kleppers als The Price, Third Law of Rewind.

Halfweg de set krijgen we een primeur: Within My Fence wordt voor het eerst live gebracht, het is dan ook niet het merkwaardigste nummer van opus #4. Wel merkwaardig is het aantal mensen die van alle uithoeken van Europa en daarbuiten gekomen zijn, een aantal fans stak zelf de grote plas over om hier vanavond aanwezig te zijn.
Veel jonge en minder jonge dames die 80 % uitmaken van de eerste rij zijn door het dolle heen. Na de The Congregation nummers volgen nog drie nummers uit andere albums, het eerste daarvan is de halve ballad The Cloak uit Coal, het naar mijn mening flauwste album van Leprous. Twee Malina nummers sluiten de uitstekende set af.

Velen vroegen zich af of Einar Solberg goed bij stem ging zijn of niet, dat was hij zeker, meer nog, dit was wellicht de beste show van Leprous die ik de afgelopen zeven jaar bijwoonde, ik stond perplex in de fotopit en ben er van gans de show niet uitgekomen (eer ik iemand hoor morren dat ik het zicht belemmerde: na drie nummers ben ik gaan zitten helemaal aan het uiterste van de pit).

Na de show van Leprous onderneem ik een poging om naar de kleine zaal te gaan om er een deel van de set van Soen mee te pikken maar het is verloren moeite. Tegen ik aan de ingang van de zaal ben is de zaal met een capaciteit van 400 man helemaal volgepropt. Wat had je verwacht met twee uitermate sterke laatste albums?
Is Soen dan geen band die main stage waard is op een festival waar het allemaal progressieve muziek is die de klok slaat? Ik meen van wel en dat dachten ze duidelijk ook bij Euroblast waar Soen in oktober nog als voorlaatste band geprogrammeerd stond en dan nog op hoofddag zaterdag. Genoeg gezeurd, dit is de eerste editie van een festival met een te gek voor woorden affiche.

Dan maar terug naar de grote zaal om te wachten op de set van Haken.
Ik mocht de Britten een paar weken gelden al aan het werk zien in Keulen waar ze voor een volle zaal speelden, vanavond is dat voor een iets beperkter publiek wat begrijpbaar is aangezien ze vorige week nog in Zoetermeer één van de laatste shows van de Europese tour gaven, morgen valt het doek in Helsinki. Een groot deel van de jonge meisjes die de eerste rijen bevolkten tijdens Leprous zijn verdwenen.

Het is even voor 23:00 uur wanneer Rossini’s beroemde en energieke Willem Tell Ouverture door de geluidsversterking galmt en de lichten van De Effenaar stilaan dimmen.
Als opener krijgen we The Good Doctor, de eerste single uit Vector het uitstekende album dat eind oktober vorig jaar verscheen rond wat zich afspeelt in een denkbeeldig psychiatrische instelling, het Mountainview Institution, op het einde van de jaren ’50 van vorige eeuw.
Nummer twee, Puzzle Box, begint heel stevig om na minder dan een halve minuut het gaspedaal los te laten met een prachtige zangpartij van zanger Ross Jennings. Een complex nummer die aan de ribben kleeft, niet enkel de gitaristen tonen aan hoe goed ze zijn, de volledig band speelt hier op een heel hoog niveau.
Met het derde nummer keren we een vijf jaren terug in de tijd. Falling Back To Earth uit The Mountain laat zowel band als publiek even naar adem happen om op bepaalde momenten tijdens het nummer toch flink uit de hoek te komen.


A Cell Divides is al het derde nummer uit Vector van deze avond. Wat daarna volgt is opnieuw een stevig stuk meesterschap. Tijdens het instrumentale Nil by Mouth verdwijnt frontman Ross Jennigs in de coulissen terwijl de vijf overige muzikanten het podium overnemen voor een heel technisch onderonsje. Beide gitaristen, Charlie Griffiths & Richard Henshall, kunnen met met hun koploze 8-snarige gitaren nogmaals hun adembenemende technische vaardigheden tentoonspreiden.

Diego Tejeida was al heel de set erg actief achter zijn keyboardsopstelling, bij het begin van het nummer komt de Mexicaan vooraan het podium soleren met zijn keytar om vervolgens bassist Conner Green zijn two minutes of fame van de avond te gunnen, overigens een heel sterke bassist die tegenwoordig ook zijn baard laat staan waardoor de volledige band bestaat uit heren met baarden. Een adembenemend moment van uitmuntend muzikaal vakmanschap.
Met 1985 uit vorig album Affinity krijgen we Ross Jennings terug op het podium, met een fluorescerend brilletje op zijn neus om met een knipoog helemaal in de eighties sfeer te komen. Het is echter tijdens Veil, het laatste nummer voor vanavond afkomstig uit Vector, dat we nogmaals met open mond staan te kijken hoe goed deze muzikanten wel zijn en de synergie tussen hen deze wellicht nog beter maakt.

Wat in Keulen niet op de setlist stond wordt in Eindhoven wel gespeeld, het sublieme Cockroach King. De set wordt afgesloten met een tweede nummer uit Affinity, The Architect, meteen ook het langste nummer van de set, eentje die het kwartier net voorbijloopt. Hiermee is de kous af.
Aangezien bisnummers bij een show horen als een schuimkraag bij een lekkere frisse pint komt de band na enkele ogenblikken terug met het enige nummer van de avond uit de ep Restoration die verscheen na The Mountain. De eerste verzen die Ross Jennings brengt doen me terugdenken aan Angelo Branduardi en bewijzen nogmaals welke polyvalente zanger hij wel is tijdens dit zoveelste meesterwerk van de Britten.

Dag twee vatten we aan met Prognosis, geen gelegenheidsband die opgericht werd om dit festival op te fleuren maar een relatief nieuwe Britse band uit Manchester die maar al te blij is hier te mogen spelen. Met een andere bandnaam stonden die wellicht nooit op de affiche van dit nieuw festival.
In tegenstelling tot bij het startuur gisteren is het bij aanvang van dag twee behoorlijk rustig in De Effenaar. Uiteraard zijn er die een kater moet verwerken en anderen die pas naar De Effenaar zullen afzakken tegen dat de  meer bekende bands aantreden. Wrong bet!

Twee langharige blonde gitaristen en een kale zanger/bassist met lang haar op zijn kin vormen de voorlinie terwijl een flink uit de kluiten gewassen drummer in ontbloot bovenlijf de vellen van zijn Gretsch opstelling pijnigt.
De jonge Britse wolven bedanken met een plaatsje op de bill met een leuke set vol frisse progressieve groove metal afkomstig uit hun eerste langspeler, Definition, tijdens hun allereerste show buiten de Britse landsgrenzen.

Regelmatig wordt een relatief korte gitaarsolo uit de vingers van één van de twee gitaristen getoverd. De Mancunians met de looks van een stel thrash metallers zorgen voor een leuke start van de tweede en reeds laatste dag van deze eerste editie van Prognosis Festival.

Net als gisteren laat ik de “small stage” voor wat die is niettegenstaande ik graag Letters From The Colony nog eens live aan het werk had gezien, net als Sleepmakeswaves trouwens, maar het gebrek aan een fotopit en de drukte in de kleine zaal gisteren zorgen dat ik me vandaag opnieuw focus op main stage.

Band # 2 op main stage is Green Carnation. Green who? Inderdaad Green Carnation, een prog rockband uit Kristiansand in Noorwegen waarvan ik tot op zaterdag 23 maart 2019 het bestaan niet afwist.
Aanvankelijk krijgen we een instrumentaal onderonsje tussen de instrumentalisten tot wanneer zanger Kjetil Nordhus de rest van de band vervoegt. Eerst dacht ik dat we een uurtje saaie prog rock gingen voorgeschoteld krijgen maar na luttele minuten moest ik al meteen mijn mening herzien. De combinatie van zang en voortreffelijke muziek laten me grote ogen trekken, op zijn eentje vult Kjetil Nordhus de zaal met zijn warme en krachtige stem zonder te spreken over zijn charisma.

De band onder leiding van Terje Vik Schei, beter bekend als Tchort die ooit bas of gitaar hanteerde bij Noorse blackmetalbands als Emperor, Satyricon of Carpathian Forest, kan al snel rekenen op de steun van het publiek.
In het uur dat de Noren op het podium staan krijgen we voornamelijk nummers geserveerd uit de eerste jaren van het huidige millennium, wanneer Green Carnation behoorlijk productief was wat het uitbrengen van albums betreft. Er is echter ook ruimte voor een nummer die geschreven werd nadat de band in 2014 terug van onder het stof werd gehaald, Sentinels of Chaos, misschien wel het stevigste nummer van de set al waren Crushed To Dust en Pile of Doubt ook best wel stevig. Green Carnation was wat mij betreft ontgetwijfeld de revelatie van het festival.

Mijn moment suprême komt eraan om 17:45 uur wanneer Devin Townsend helemaal alleen het podium betreedt, zonder band. Eerstdaags verschijnt Empath, het nieuwste album van Devin Townsend maar na anderhalf jaar werken aan zijn nieuwste kind gaat de Canadees voor een maand alleen op tour door Europa om vervolgens door de VS te trekken als voorprogramma voor Avatar.
Tijdens zijn akoestische set van een klein uurtje brengt de man een overzicht van zijn carrière doorspekt met hilarische commentaren rond zijn persoon of de nummers die hij brengt. We krijgen zowel werk van Strapping Young Lad,  The Devin Townsend Band als van The Devin Townsend Project.

De nummers die het meeste succes kennen zijn ongetwijfeld deze uit Ziltoid The Ominiscent als deze van Ocean Machine die hij op een aantal plaatsen integraal bracht in 2017, onder hen Be Prog! My Friend in Barcelona, maar het meeste applaus krijgt Hevy Devy voor zijn duet met Anneke van Giersbergen, Ih-Ah!
Niet iedereen is fan van mastermind Devin Townsend en dat merk je ook in de zaal, zijn humor wordt ook niet door iedereen geapprecieerd, gelukkig zijn er ook velen die uitkijken naar vrijdag 29 maart wanneer Empath verschijnt.

De voorlaatste band die main stage mag betreden is het Zweedse Witchcraft, een beetje de vreemde eend in de bijt aangezien die helemaal geen progressieve muziek brengen maar wel doom, een genre die ik ook best kan appreciëren.
Er zit echter iets mis met frontman Magnus Pelander die meermaals zijn middenvinger laat zien aan de fotografen die hem in het vizier nemen. Zo laat hij het publiek en uiteraard de fotografen weten dat hij het jammer vindt dat zijn band nog niet groot genoeg is om fotografen te weren. Dan maar geen foto’s van deze eigenzinnige mens, een review van zijn band laat ik dan ook aan anderen over.

De titanen van de Britse djent, TesseracT, sluiten het festival af op main stage en doen dat met hun volledige lichtopstelling die ze gebruiken tijdens de Sonder tour.
Vooraan het podium staat geen enkele monitor meer, het enige wat we zien tussen de rand van het podium en de drumkit van Jay Postones is de verzameling pedals van de bizarre bassist Amos Williams die steevast barrevoets staat te spelen en de raarste bewegingen uit zijn lichaam schudt. Achter de drum merken we een reusachtige hyperkubus, het logo van de band die ooit in Milton Keynes opgericht werd door lead gitarist Acle Kahney.

De show wordt aangevat met de eerste drie stukken uit debuut-ep, Conceiling Fate. Als de verlichting bij de headliner van gisteren niet veel zaaks was is deze van TesseracT zonder meer subliem.
Ritmewisseling volgen elkaar op tegen een sneltreintempo terwijl frontman Daniel Tompkins als een gekke tekeer gaat. Al vanaf het begin van de show duikt de voormalige politieagent het publiek in en wanneer die terug on stage is wordt elke vierkante centimeter van het podium benut. De rand van het podium schrikt die niet af, Tompkins rent van de ene kant tot aan de andere zonder ook maar schrik te hebben eraf te donderen. Diezelfde Daniel Tompkins brengt overigens eind mei een soloplaat uit die een wat meer pop-rock en elektronische sound zal hebben dan wat die doet bij TesseracT.

Van materiaal uit het eerste werk van de band springen we meteen naar het meest recente, met de single Luminary die vorig jaar uitgebracht werd kort voor de release van de laatste album. Na het excellente Luminary krijgen we een mix van nummers uit de laatste drie albums, uit One krijgen we helaas niets te horen.
Terwijl gitaristen Acle Kahney en James Montheit elk aan één kant van het podium hun ding doen steelt de technische bassist Amos Williams gedeeltelijk de show met zijn trage wentelende bewegingen die me doen denken aan een cobra die door een slangenbezweerder misbruikt wordt wanneer hij niet over het podium sluipt als een roofdier. Uiteraard eist Daniel Tompkins zijn deel van de show op als het meest energieke lid van de band die bij momenten bijna even snel rent als een Usain Bolt in zijn beste dagen.

Na een uur en een kwartier vol uitstekende artisticiteit en een uitstekend geluid worden de laatste twee nummers van de avond aangevat, twee nummers uit Sonder, King en Juno, kwestie van de puntjes op de “i” te zetten bij de twijfelaars.
TesseracT bewijst hier nogmaals tot de top van de technische progressieve metal te horen met uitstekende en gecompliceerde nummers om duimen en vingers af te likken en een lichtshow van het hoogste niveau.

Sleepmakewaves sluit het festival af in de klein zaal maar net als bij andere toppers die beneden aantraden is het onbegonnen werk er proberen binnen te geraken, zeker als je fotomateriaal moet meesleuren.

Muzikaal was dit een topevenement, jammer van de oetlul van Witchcraft. Op organisatorisch vlak liep nog een en ander mis, zoals een fotopit die amper meer dan een schoenlengte diep was waardoor het quasi onmogelijk was om nog te bewegen eens je op je plaats stond. Hieraan kan uiteraard nog gewerkt worden. Hoe de toegang tot de kleine zaal en de capaciteit ervan kunnen opgelost geraken is een ander paar mouwen.
Ik kijk alvast uit naar een tweede editie. Ik wil alvast Rob van der Donk van Loud Noise bedanken voor de persaccreditatie en fotopas.

X