In het kader van de derde editie van het BRDCST-festival in de Brusselse Ancienne Belgique was er op de tweede dag een interessant optreden met als headliner het Deense atmosferische black metal gezelschap Myrkur. Monnik en Otto Lindholm mochten het zaaltje opwarmen op deze frisse donderdagavond. Een kort verslag van onze reporter ter plaatse.

AB Club is op normale dagen een broeierige kweekvijver voor lokaal en internationaal talent al is het zaaltje met een capaciteit van 280 man vandaag één van de podia van het BRDCST festival, een zaal die al een tijdje helemaal uitverkocht is.

Om 20:00 uur krijgt Monnik of het eenmansproject van Waaslander Thibaud Meiresone de eer dag twee aan te vatten in het kleine zaaltje van de hoofdstedelijke rocktempel. Voor veel mensen is Monnik een grote onbekende. Het project is geassocieerd met Consouling Sounds en dan gaat al vlug een belletje rinkelen. Thibaud Meiresone is eveneens bekend als frontman van sludge/doom/drone/ambient formatie Charnia, dat bij dezelfde kwalitatieve underground label zit.

Met een naam als Monnik kun je niet anders dan iets ecclesiastisch brengen, Monnik brengt een eerste nummer waarbij ik me zo meteen in een tempel waan, een tabernakel met monnikengezang overgoten met een minimalistische drone en ambient sausje dat best lekker klinkt, de beelden van bewegend water en gewas aan een vijver versterken de beleving.

Thibaud Meiresone lijkt tijdens zijn set in trance te verkeren maar wordt helaas en duidelijk zichtbaar gestoord door een aantal onverlaten die vanavond beter een kroeg opgezocht hadden tot Myrkur eraan begon. Ik ben alvast onder de indruk net als een een goed deel van het publiek die geniet van het werk van de Waaslander. Monnik is een naam om zeker te onthouden.

 

De tweede band van vanavond of beter de tweede performer is Brusselaar Otto Lindholm, niet te verwarren met de Finse walvisvaarder, die barrevoets een contrabas bespeelt, aangevuld met een elektronicapaneel voorzien van meer knopjes en pedalen dan de cockpit van een Boeing 747. De eveneens donkere, meditatieve en minimalistische soundscapes passen eigenlijk perfect in de sfeeropbouw voor de donkere, atmosferische folk en metal van Amalie Bruun en haar kompanen. Opnieuw wordt de performer gestoord door een aantal onverlaten die de beleving verpesten ondanks het duidelijk ongenoegen van het publiek jegens deze botteriken.

 

Amalie Bruun is nog eens op pad. Het afgelopen half jaar heeft de beeldmooie blondine wellicht maar zelden in eigen bed geslapen. Eind vorig jaar was ze vijf weken de hort op met Sòlstafir tot een paar dagen voor Kerstmis om haar nieuwste langspeler te promoten, dan begin dit jaar haar eigen Folkesange mini tour met aansluitend een muzikale promotour door de VS en nu weeral voor vijf weken op pad door Europa.

Om 21:45 uur betreden de van corpse paint voorzien discipelen van Amalie Bruun het podium, het hoofd verhuld in de kap van hun mouwloze sweaters terwijl de intro horn, Drone in E  Minor, horen. Kort daarna volgt de getalenteerde multi-instrumentaliste Amalie Bruun in een zwart aansluitend kleed en zoals gebruikelijk een zwarte streep van pakweg twee centimeter dikte ter hoogte van haar ogen verhuld achter haar blond lang haar.

 

De bassist neemt er een vioolstok bij om het eerste nummer aan te vatten en zijn instrument ermee te bespelen tijdens The Serpent uit Mareridt. Wat volgt is een korte en homogene aaneenschakeling van nummers uit de twee langspelers van Myrkur alsook een aantal nummers die gebracht werden tijdens de Folkesange tour waaronder het voortreffelijke De Tre Piker dat eveneens terug te vinden is op Mareridt, de vorig jaar uitgebrachte tweede langspeler van Myrkur.

 

Een set waarbij de zangeres niet enkel de vocals voor zich neemt, maar ook af en toe haar BC Rich Warlock gitaar tevoorschijn haalt of een veltrommel die vooral dienst doet bij de volksliederen die de blondine op haar eentje brengt. Tijdens het tweede deel van de set krijgen we de bekendste nummers uit het repertoire van Myrkur, Ulvinde, Måneblöt, Skaði of andere Skøgen Skulle Dø.

Een voortreffelijke set van een zangeres met een engelenstem die bijwijlen duivelachtig overkomt en een drummer die eveneens indruk maakte, het enige minpunt is echter wel de korte set van amper drie kwartier.

X