Nadat de zomerfestivals in België tijdens de maand juli wat stilgelegen hebben, kan je er prat op gaan dat de Grote Kaai in Lokeren begin augustus gedurende tien dagen omgevormd wordt tot een groot festivaldorp, waar ieder muziekgenre uitgebreid aan bod komt. Het metalgenre wordt daarbij uiteraard niet vergeten, waardoor de liefhebbers ieder jaar op de eerste zondag van augustus kunnen afzakken naar Lokeren voor een dagje vol vertier. Ook dit jaar werden wederom enkele indrukwekkende metalbands aan de affiche toegevoegd, waardoor ook deze metaldag absoluut de moeite waard was. Het verslag kan je hier lezen!

De metaldag startte onder een loden zon. Zwaar werd het dus sowieso! Opener Diablo Blvd. was gekomen om hier nog een protie cojones aan toe te voegen. Recht voor de raap Southern groovende rock/metalsongs, die fouloos gebracht werden door meesterlijke muzikanten. Het ging erin als zoete koek. Al was zanger Alex Agnew bij de lagere gezongen stukken niet altijd even toonvast; hij blies menig frontman weg als hij mag brullen en tieren. En dit alles gebeurde dan nog met een zekere coolness: “Het was geen goed idee om een vest aan te trekken bij een temperatuur van 30 graden. Maar ik doe ze niet uit, want dat is niet cool!”, aldus Agnew. Wie wil cool zijn, moet afzien. Een geslaagde start van de dag, door een band die er nog zichtbaar zin in heeft, dus. Wat het dan nog meer onbegrijpelijk maakt waarom Diablo Blvd. eind dit jaar split. “Wij hebben alles bereikt wat we met deze band wouden bereiken. Meer zelfs”. Het blijft een jammerlijke zaak één van Belgisch beste bands van het metalen toneel te zien verdwijnen.

Na het eerder licht verteerbare Diablo Blvd. was het tijd voor de eerste echte extreme band van de dag. In de preview werd al duidelijk gemaakt dat At The Gates een van de grote pioniers is binnen het melodische deathgenre en deze stelling werd door dit viertal op overtuigende wijze kracht bij gezet. Na de intro werd het publiek meteen getrakteerd op het titelnummer van het pas verschenen album To Drink From The Night Itself. Twee albums bracht dit Zweedse gezelschap uit sinds de grote comeback enkele jaren geleden. Twee albums die meteen ook de hoofdmoot van deze setlist vormden. Gelukkig voor de fans werd het oudere werk zeker en vast niet vergeten, waardoor de Grote Kaai getrakteerd werd op onder andere een verschroeiende versie van het nummer Slaughter Of The Soul. Qua geluid bleef het notitieboekje bovendien ook maagdelijk wit. Waar het gros van de andere bands steevast kiest voor een uitsmijten van formaat, hield At The Gates het daarentegen vrij bescheiden door het optreden af te sluiten op een lang uitgesponnen, instrumentale wijze. Zeker geen slechte zet, want de voorafgaande veertig minuten gebeuk onder een loden zon hakten er bij het publiek al vrij zwaar in. En dan stonden er nog vijf bands in de wachtkamer…

Als er een ding de organisatie niet verweten kan worden, is het wel een gebrek aan afwisseling in de line-up. Jaar na jaar wordt er getracht om de liefhebbers van de meest uiteenlopende subgenres op hun wenken te bedienen. Waar Parkway Drive vorig jaar de metalcoreliefhebbers warm mocht maken, valt deze eer dit jaar te beurt aan de Amerikanen van Hatebreed. Wie vertrouwd is met dit gezelschap weet dat Hatebreed nooit of te nimmer een slechte set aflevert. Ook vandaag niet, want van begin tot einde was het smullen van de ene classic na de andere. Nummers als To The Threshold, en Destroy Everything deden de kolkende massa voor het podium nog meer kolken tot er kringen stof te ontwaren vielen. Tussendoor werd de doorzettingskracht van Judas Priest opgehemeld via het nummer Perseverence en werden de recentelijk overleden grootheden uit de metalmuziek uiteraard ook niet vergeten. Alleen jammer dat er ondanks de speeltijd van een klein uur niet meer aandacht besteed werd aan de laatste worp, The Concrete Confessional. Een nummer als Seven Enemies had mijns inziens niet misstaan.

Verkoeling kwam er op twee vlakken met het aantreden van Steel Panther. Kledingstukken zijn bij deze band al helemaal overbodig. Vooral bij de vrouwelijke toeschouwers. Al beginnen er hier en daar ook mannelijke fans zich van hun beste (boven-)kant te laten zien. Een positieve evolutie in de #metoo-periode. Verkoeling op het tweede vlak schuilt in de steeds identieke optredens van de Amerikaanse glammetalband. De camera zoomt in op een deerne en moet dan hierna haar borsten tonen. Check. En hele hoop meisjes moeten het podium op tijdens 17 Girls in a Row? Check en check. Als je de band al enkele keren gezien hebt, en dus altijd min of meer dezelfde show, dan begint ook op te vallen hoe zwakjes de songs zijn, waardoor de verveling al snel begint toe te slaan. Voor wie de band nog nooit heeft gezien: zeker doen! Wat een leuke show!

Als de panters zelf zeggen dat Gojira de band is om naar uit te kijken en als fanboy Rob Halfords droom uitkomt om samen met Joe Duplantier op de foto te mogen, dan weet je dat Gojira niet de toekomst van de metal is, maar dat Gojira metal is! Wat een energie! Lokeren zal het geweten hebben. Met een ongelofelijke, aan de mogelijkheden van de mensheid grenzende, strakheid vuurde de Franse band de ene clusterbom na de andere oorveeg uit. Was het gebrek aan show in het verleden voor sommigen een euvel, dan is dit, door middel van een reuzenscherm waar beelden de muziek vergezellen, nu ook weer opgelost. Op naar headlinershows overal ter wereld! Het optreden was één groot hoogtepunt, maar als we zo vrij mogen zijn om er toch enkele tracks uit te nemen, dan deze: Flying Whales, nu mét zijn bijhorende intro (is ooit anders geweest wegens de beperkte speeltijd destijds), Back“fucking”bone en die allesverwoestende breakdown na het nummer – We zijn er nog niet goed van – en publiekslieveling L’Enfant Sauvage. Magistraal en bovenaards!

Wie de site van Amped-Up er geregeld op naslaat, wist al enkele weken voor de officiële bekendmaking dat Judas Priest de metaldag zou gaan afsluiten. Nogmaals het bewijs dat Facebook lang niet zo veilig is als beweerd wordt. Op die manier stonden we al enkele maanden te watertanden bij het vooruitzicht om zijne majesteit Rob Halford in levende lijve aan het werk te kunnen zien. Niet in het minst door het feit dat Judas Priest begin dit jaar vrijwel geheel onverwacht met een knaller van een nieuw album op de proppen kwam. Firepower mag dan ook met recht en rede, zonder enige zin voor overdrijven, beschouwd worden als een van de beste Judas Priest albums tout court.

Het was dan ook geen verrassing dat de band de set op gang trok met het gelijknamige titelnummer gevolgd door het al even aanstekelijke Lightning Strike. Twee nummers die het vuur direct voor het komende anderhalf uur aan de lont staken, want van enig moment van verzwakking was er geen sprake. Uiteraard was het niet voor het volledige anderhalf uur van het even hoogstaande niveau, maar who cares? Het merendeel van deze band wordt er ook niet jonger op. Neem daar dan nog de vele vestimentaire wissels van frontman Rob Halford bij en je komt vanzelf bij een vrij uitputtende show. Het decor was iets minder impressionant dan tijdens Gojira, maar paste dan weer beter bij de sound van Judas Priest. De gitaartandem FaulknerSneap stond op een vrij hoog niveau te musiceren, waarbij vooral Faulkner geregeld de show stond te stelen met een vrij uitgebreide gestiek. Bassist Ian Hill stond zoals vanouds liever op de achtergrond te heupwiegen.

Na goed een uur kwam er met de oerklassieker Painkiller een einde aan de reguliere setlist, waarna de band kortstondig het podium verliet. Wie de media de laatste paar maanden in het oog gehouden heeft, kon afleiden dat Glenn Tipton zijn opwachting zou maken voor de bisronde. Iets wat het publiek uitermate kon appreciëren, want ondanks de ziekte van Parkinson blijft Tipton zijn gitaar stevig ter hand houden en slaagt hij er zelfs nog wonderwel in om enkele solo’s voor zijn rekening te nemen. Met het luidkeels meegezongen Livin’ After Midnight kwam er een einde aan een sterke performance van een van de grondleggers van de classic heavy metal.

Wat wij niet begrepen was dat Brides of Lucifer nog na The Priest moest aantreden. We hebben net het echte Painkiller gehoord, dus waarom zouden we dit in een meisjeskoorversie willen horen? Het is een vraag die nu beantwoord zou kunnen worden.
Ware het niet dat we door omstandigheden (vermoeidheid, gepakt door de warmte,…) het plein eerder moesten verlaten. Onze kans komt nog. Wees maar zeker.

Op muzikaal vlak is de organisatie er wederom in geslaagd om een zeer sterke line-up te presenteren. Het ‘muziekdorp’ was mooi ingekleed, maar toch waren er enkele puntjes van kritiek die deze festivalzomer al meermaals aan de orde gekomen zijn. Met temperaturen rond de dertig graden is het geen overbodige luxe om meer zitplaatsen te voorzien. De Chillzone was veel te klein. Bij de stand van ING hadden ze een mooie zitbank ter beschikking, maar blijkbaar dienen zitbanken anno 2018 enkel voor de show en niet voor te zitten. Belachelijk, maar het zal bij de denkwijze van banken horen zeker… Het grootste punt van kritiek is echter nog het ontbreken van goedkoper of zelfs gratis drinkwater. Met een stenen ondergrond was het ronduit bakken en braden op de festivalsite en als de organisatie de aanwezigen dan nog verplicht om drie euro te betalen voor een flesje water van 33 cl kan kritiek dan ook niet uitblijven. Niet alles kan met de mantel der liefde bedekt worden. Als zelfs een mega-event als Rock Werchter er in slaagt om halve liters water aan te bieden voor een drankbon, zou dat hier op zijn minst ook mogelijk moeten zijn. Een kleine rondvraag bij het Rode Kruis maakte duidelijk dat ze vooralsnog niet de opdracht gekregen hadden van de organisatie om gratis drinkwater uit te delen. Hierbij stel ik mij dan ook luidop de vraag wanneer deze opdracht er wel gekomen zou zijn. Hopelijk worden er in de toekomst de nodige lessen getrokken uit dergelijke ‘praktijken’. Desalniettemin zakken we volgend jaar opnieuw met evenveel zin af naar Lokeren voor ongetwijfeld een sterke metaldag 2019!

Met dank aan fotografen: Geert Van de Velde, Wim Heirbaut, Lore Steveninck, Stiene Laureys, Sven Dullaert
Tekst: Ashley Bickx en Eef VP

 

X