Zappa mag dan wel officieel door het leven gaan als jeugdhuis, toch staat er met de regelmaat van de klok een metalpackage op de planken om U tegen te zeggen. In november zag ik hier een uitstekend Thy Art Is Murder aan het werk en vandaag, een half jaar later, was het maar de vraag of het ook vanavond weer de moeite loonde om de hel van de Kennedytunnel te doorstaan. Met Havok en Harlott stond de avond voornamelijk in het teken van bikkelharde thrash metal. Het menu werd voorts aangevuld met twee bands, die voornamelijk het vorige decennium grote successen wisten te boeken en zich anno 2018 opnieuw willen profileren, namelijk Darkest Hour en Cephalic Carnage. Het gig report kan je hier lezen.

Om half acht viel het Harlott de beurt om de avond op gang te trappen. Vorig jaar brachten deze Australiërs nog een dijk van een plaat op de markt via Metal Blade Records. Een plaatje dat ondergetekende zeker en vast wist te pruimen. Blijkbaar was ik niet de enige met deze mening, want ondanks het vroege aanvangsuur was Zappa toch al redelijk gevuld. Niet de grote massa, verre van zelfs, maar gezien het huidige (over)aanbod aan gigs durft de opkomst geregeld wel eens tegenvallen.

Harlott had er alleszinds zin in, ondanks het feit dat het geluid tijdens de eerste twee à drie nummers totaal niet mee wou. Met name de zang werd compleet overstemd door het gitaargeweld. Gelukkig weten deze heren op instrumentaal vlak zeker hun mannetje te staan, waardoor dit euvel al bij al niet te zwaar door woog. De setlist werd gekenmerkt door een mooi evenwicht, waarbij elk album vertegenwoordigd was. Tussendoor werd nogmaals aangetoond dat Australiërs met een goed gevoel voor humor door het leven gaan, getuige de humoristische noot die oplaaide wanneer een enthousiaste Franstalige fan zich wel heel enthousiast toonde.

Cephalic Carnage was voor mij persoonlijk een compleet onbekende band. Na enig opzoekwerk werd duidelijk dat dit gezelschap voornamelijk het vorige decennium enkele straffe platen op de markt gebracht heeft. Sinds 2010 bleef het echter heel stil rond deze band. Iets waar dit vijftal duidelijk verandering in wou brengen. Muzikaal mocht het dan wel redelijk pover zijn, want de grindcore was zelfs naar grindcore-normen net iets te rommelig en chaotisch.

Waar Cephalic Carnage dan wel weer punten mee wist te scoren, was de humoristische insteek, die in verregaande mate de lachspieren wist te beroeren. Qua muziek is er na afloop niets blijven hangen. Dit in tegenstelling tot de randanimatie die redelijk ‘on point’ was. Een greep uit het aanbod: een gitarist die er bijna de brui aangaf, omdat het publiek blijkbaar niet enthousiast genoeg reageerde, een frontman die geregeld half over de bedrading struikelde en een bassist die continu de gekste bekken stond te trekken. De bassist zouden we trouwens later op de avond nog terug op het podium zien verschijnen voor een vervolg te breien aan zijn fratsen.

Het doel van Cephalic Carnage vanavond was de band opnieuw in de schijnwerpers te plaatsen en na afloop kunnen we alleen maar concluderen dat het doel weldegelijk bereikt werd. Niet per se op muzikaal vlak, maar dat kon ons in dit geval een worst wezen.

Darkest Hour is binnen het genre een naam als een klok. Toch werden de grootste successen voornamelijk in het vorige decennium behaald. Vandaar dat dit gezelschap tijdens deze tournee dan ook de status van headliner aan Havok moesten laten. Na de vreemde uitspattingen van Cephalic Carnage was het opnieuw tijd voor wat structuur op muzikaal vlak, want melodische death metal is op dat vlak gerust te beschouwen als het complete tegenovergestelde van het grindcore genre. Darkest Hour trok meteen stevig van leer, waarbij voornamelijk het nieuwste, uit 2017 daterende album aan bod kwam. Jammer genoeg was het geluid wederom niet de beste bondgenoot. Een mankement dat maar mondjesmaat opgelost werd.

Na enkele nummers wat het tijd om enkele oude krakers van onder een dikke laag stof te halen. Voornamelijk Doomsayer liet een band horen, die bij vlagen een onbevlogen indruk wist na te laten. Mede dankzij het ongelofelijk strakke drumwerk van Travis Orbin, die sinds 2013 achter het drumstel heeft plaats genomen. Een imposante verschijning, maar zou deze kleerkast toch net iets meer gevoel in zijn slagwerk mogen steken om de emoties net iets meer tot zijn recht te laten komen. Toch wist Darkest Hour aardig wat indruk te maken. Hopelijk is de trein nu terug definitief vertrokken.

Met Havok was het tijd voor de hoofdmoot van de avond. Dit Amerikaanse gezelschap mag gerust beschouwd worden als een van de leiders van de grote thrashrevival waar we vandaag de dag mee te kampen hebben. Vele bands zien de toekomst groots in, maar slechts weinigen slagen effectief in hun opzet. Havok is alleszinds goed op weg om de wereld te veroveren. Hoe populairder een band wordt, hoe meer het luisterkamp polariseert. Iets wat zeker het geval was bij de laatste langspeler, Conformicide. Een schijfje dat inmiddels één kaarsje mag uitblazen.

Naar goede gewoonte klonk vlak voor de start het nummer Bohemian Rhapsody integraal door de zaal. Persoonlijk ben ik altijd wel te vinden voor een goede spanningsboog, maar dit was misschien toch wel net iets te veel van het goede, gezien de speelduur van een zestal minuten. Gelukkig schoot het tempo daarna meteen de hoogte in wanneer Havok opende met het fenomenale Hang em High. Alleen was het slecht afgestelde geluid wederom de grootste spelbreker. Al bij al bleef de schade hierdoor wel beperkt, daar het basgeluid gelukkig wel perfect stond afgesteld. Havok is van bij de start altijd al een band die vooral wist uit te blinken in fantastische baslijnen en dat is sinds het aantrekken van Nick Schendzielos alleen nog maar toegenomen. Neem gerust de termen ‘geniaal’ en ‘fenomenaal’ in de mond, want die twee adjectieven omschrijven op uiterst gepaste wijze zijn speelstijl.

Dat Havok niet graag de voet van het gaspedaal haalt, zullen de liefhebbers wel weten. Net daarom dat de nood aan wat meer diversiteit ietwat luider klonk na een nummer of 5. Het ruim zeven minuten durende Ingsoc, dat handelt over de bestseller 1984, vormde dan ook een welgekomen verfrissing tussen al het vingervlugge gitaargeweld. Naarmate de set vorderde, gingen bij de bandleden ook alle remmen los. Het naderende einde van de tour zal daar ook wel voor iets tussen gezeten hebben. Wat zich echter tijdens het voorlaatste nummer afspeelde, had ik tot op heden echter nog nooit meegemaakt: Bassist Nick Schendzielos, hij wéér, had het na twee optredens op het podium blijkbaar wat gehad, waarna hij op slinkse wijze het podium verliet, zich naar de geluidsman van dienst begaf en zelf wat aan de knoppen begon de draaien. Vervolgens ging hij naar de bevallige barvrouw van dienst om er snel een babbeltje mee te slaan. Dit allemaal terwijl hij rustig verder zijn basgitaar stond te geselen. Met Intention To Deceive werd er voor de laatste maal een hele bus naft op het vuur gegooid, waarna de show er op zat. Bisnummers zaten er vanavond niet in.

Deze avond zal niet direct de geschiedenis ingaan als memorabel, maar amusant was het zeker en vast. De twee grootste minpunten waren dan ook in de eerste plaats het bij momenten abominabele geluid en de wederom flauwe opkomst. Het grote aanbod aan metalshows in combinatie met de gejaagde levensstijl die zich vandaag van ons meester maakt, ontneemt vele liefhebbers blijkbaar de zin om op een vrijdagavond nog naar een optreden af te zakken. Een jammerlijke zaak, maar gelukkig hebben niet alle optredens met dit euvel te kampen.

X